Nieuws-archief
Reest en Wieden (2x)

(Ingezonden bericht)

Dijkring beschermt Noorwest Overijssel voldoende
Het Dagelijks Bestuur heeft de toetsing van de primaire waterkering dijkring 9, Vollenhove vastgesteld. Dit betekent dat deze buitenwaterkerende dijk het keurmerk veilig heeft en dat het achterliggende deel van Overijssel normaal gesproken geen gevaar loopt. Gedeputeerde Staten van Overijssel worden binnenkort hiervan op de hoogte gesteld. De Wet op de waterkering regelt op landelijk niveau de veiligheid tegen overstroming door buitenwater. In de wet is onder andere geregeld dat iedere waterkeringbeheerder elke vijf jaar over de veiligheidstoestand van de waterkering rapporteert aan de toezichthoudende provincie.

Waar ligt de dijk?
Het waterschap Reest en Wieden beheert 34 km primaire waterkering. Deze waterkering maakt onderdeel uit van dijkring 9, Vollenhove, die het gebied binnenkomt bij Zwartsluis en bij Slijkenburg doorgaat naar Friesland. Het tracé volgt het Zwarte Water richting de Kadoelerkeersluis. Vanaf hier wordt afgebogen naar de voormalige Zuiderzeedijk richting Vollenhove, Blokzijl, Blankenham, Kuinre, Slijkenburg. Bij Slijkenburg gaat de kering verder op Fries grondgebied.

Waar is naar gekeken?
Het Rijk onderscheidt verschillende categorieën waterkering. De dijk van Zwartsluis tot aan de Kadoelerkeersluis behoort tot de zogenaamde a-categorie. Tijdens de toetsing is gekeken naar hoogte van de dijk, de stabiliteit van het dijklichaam en de erosiebestendigheid (invloeden van wind, ijs en stromend water) van de bekleding. Ook zijn de gemalen en sluizen die in de dijk gelegen zijn getoetst op functioneren en sterkte en hoe ze reageren op hoogwaterstanden. De gehele waterkering voldoet aan de gestelde veiligheidseisen en leverde geen verrassende resultaten op. De nodige werkzaamheden van dit traject zijn in het kader van dijkverbetering achter Ramspol uitgevoerd. Vanaf de Kadoelerkeersluis tot aan Slijkenburg is geen technische toetsing uitgevoerd, omdat dit gedeelte niet direct buitenwater keert. Het gaat hier om de oude Zuiderzeedijk tussen Overijssel en de Noordoostpolder. Deze kering moet wel beheerd worden als primaire waterkering, maar hoef niet technisch getoetst te worden.

(Ingezonden bericht)

Dagelijks bestuur ziet kans tarieven voor 2004 beperkt te laten stijgen
Het Dagelijks Bestuur van het waterschap Reest en Wieden heeft de ontwerpbegroting 2004 opgesteld. Als het Algemeen Bestuur op 25 november tijdens de begrotingsbehandeling instemt met het voorstel van het Dagelijks Bestuur krijgen de inwoners van het gebied van Reest en Wieden met een beperkte tariefstijging voor 2004 te maken. Bij het opstellen van de begroting is door het DB rekening gehouden met het werkplan voor de komende jaren – het Waterbeheerplan 2002 - 2006 – en de aan het waterschap opgelegde taken in het kader van de Europese Kader Richtlijn Water en Waterbeheer 21e eeuw. Door aan de andere kant te schrappen in een aantal activiteiten en het direct terug te laten vloeien van de positieve financiële resultaten van voorgaande jaren lukt het opnieuw behoorlijk beneden de oorspronkelijke ramingen te blijven.

Kostenstijging beneden inflatie
In 2004 stijgen de kosten slechts met 1% ten opzichte van de begroting 2003. In de meerjarenraming van de begroting 2003 was een kostenstijging van 4% geraamd. Het Dagelijks Bestuur heeft alle posten kritisch tegen het licht gehouden en een beperkte kostenstijging weten te bereiken door een aantal maatregelen te nemen. Dit betekent dat een aantal zaken niet door zal gaan of vooruitgeschoven worden. Ook zijn forse efficiencyvoordelen (€ 300.000,00) in de begroting verwerkt. Ondanks de beperking van de kostenstijging tot 1% ziet het Dagelijks Bestuur kans om het waterbeheerplan 2002-2006 uit te voeren, evenals het beleid in het kader van de Europese Kaderrichtlijn en Waterbeheer 21e eeuw. Voor een aantal activiteiten is besloten deze te temporiseren en ze bij de begroting 2005 weer in de afweging mee te nemen. De kostenvermeerdering blijft in 2004 dan ook beneden het inflatiepercentage. De totale kosten bedragen voor het komende jaar 40 miljoen euro.

Over twee jaar geringe tariefstijging
In 2003 zijn de tarieven niet verhoogd, omdat de extra kosten volledig uit de reserves zijn betaald. Omdat dat niet opnieuw kan, moet nu wel een tariefstijging worden doorgevoerd. Uitgangspunt voor de huidige begroting is dat het waterschap voor de lange termijn een gezonde financiële huishouding nastreeft. Verwacht wordt dat de kosten voor het waterschap in de nabije toekomst stijgen. Het is daarom niet verantwoord om de kostenstijging volledig door de reserves op te laten opvangen. Alle tarieven stijgen daarom, behalve die voor eigenaren van huizen en gebouwen, binnen de taak waterkwantiteit. Dit is een gevolg van de toename van het aantal gebouwen. Het tarief van de taken waterkwaliteit en waterkwantiteit stijgt met maximaal 4% per categorie. Voor de taken waterkering en vaarwegen zijn de tariefstijgingen hoger qua percentage. Daar gaat het echter wel om kleine bedragen. Door de inzet van reserves (€ 437.150,00) zijn de tarieven van de taken waterkwantiteit, kering en vaarwegen voor 2004 echter wel afgevlakt. Aangezien 2002 een exploitatieoverschot had, acht het Dagelijks Bestuur het verantwoord om voor 2004 een deel van de algemene reserve “terug te geven”. Naar de toekomst toe is het landelijk beeld, dat alleen al voor het oplossen van de waterproblemen door de klimaatveranderingen, gemiddeld een kostenstijging van 3% per jaar nodig is. Daarin zijn de inflatie en kosten die voortvloeien uit de Europese Regelgeving nog niet opgenomen.

Investeringen
Voor 2004 is een bedrag van € 14,6 miljoen opgenomen voor nieuwe investeringen.
Deze investeringen hebben onder andere betrekking op:
- het vervangen van de sliblagunes door silo’s bij de rioolwaterzuivering in Echten;
- het vervangen van de motoren van het gemaal Stroink;
- de aanpak van de hydraulische problemen bij rioolwaterzuivering in Steenwijk;
- het vervangen / reviseren van stuwen en gemalen;
- de uitvoering van het waterbodemsaneringsprogramma;
- de implementatie van de Europese Kaderrichtlijn Water;
- de stimuleringsregeling stedelijk waterbeheer;
- de gebiedsprojecten (o.a. beekherstel en natuurontwikkeling).

Meerjarenperspectief tot 2008
In de meerjarenraming 2004-2008 is rekening gehouden met een kostenstijging van gemiddeld 7% en met het geraamde investeringsniveau voor de periode 2004-2008. De totale kosten stijgen jaarlijks van € 35,5 miljoen in 2004 naar verwachting tot € 46,6 miljoen in 2008. Voor de periode 2004-2008 worden de tarieven voor de taken waterkering en vaarwegen afgevlakt om te komen op acceptabele stijgingen. De reserves worden beperkt ingezet voor dat deel van de kosten dat niet door de omslag worden gedekt.

Overzicht van de tarieven     2003,       2004 en verschil       

Waterkwaliteitsbeheer
Bedrijven / huishoudens
 
Waterkwantiteitsbeheer
Ongebouwd gemiddeld
Klasse 1
Klasse 2
Klasse 3

Gebouwd
Ingezetenen
 
Waterkeringszorg
Ongebouwd
Gebouwd
Ingezetenen
 
Vaarwegenbeheer
Ongebouwd
 

vervuilingseenheid


hectare (gemiddeld)
hectare klasse 1
hectare klasse 2
hectare klasse 3

€ 2.268 ec. waarde
woonruimte


hectare
€ 2.268 ec. waarde
woonruimte


hectare

€ 60,24


€ 63,56
€ 97,72
€ 78,17
€ 39,09

€ 0,49
€ 45,00


€ 1,78
€ 0,17
€ 0,17


€ 9,63

   € 62,64


   € 66,05
   € 101,67
   € 81,33
   € 40,67

   € 0,48
   € 45,48


   € 2,00
   € 0,18
   € 8,76


   € 11,17

   4,0%


   3,9%
   4,0%
   4,0%
   4,0%

   -/- 2,0%
   1,1%


   12,4%
   5,9%
   7,4%


   16,0%

Terug

Startpagina