Nieuws-archief
Oevers verbeterd

(Ingezonden bericht)

Oevers De Wieden verbeterd voor vogels
Natuurmonumenten is op verschillende plaatsen in De Wieden, onderdeel van het Nationale Park Weerribben-Wieden in oprichting, bezig met het verbeteren van oevers. Vooral de oevers van de grote meren zijn door afslag ongeschikt geworden voor moerasvogels om er te broeden of voedsel te zoeken. Roerdomp, rietzanger en karekiet willen een geleidelijke overgang met ondiep water, natte gedeeltes en rietkragen. In plaats daarvan bestaan veel oevers nu uit een abrupte, steile overgang van land naar diep water, waar vogels, en ook insecten zoals libellen en waterjuffers, niets te zoeken hebben. Daar brengt Natuurmonumenten verandering in, met behulp van Europees subsidiegeld.

Riet en lisdodde
Voor heel veel vogels zijn rijkelijk begroeide oevers van levensbelang. Rietkragen bieden broed- en foerageergelegenheid aan reigersoorten als roerdomp, purperreiger, kwak en woudaapje, aan rietzanger, kleine en grote karekiet, snor, baardmannetje en waterral. En aan eendensoorten als smient, zomer- en wintertaling. Op lisdodde, met de bekende sigaren in het najaar, en krabbenscheer zetten libellen en waterjuffers hun eitjes af. Soorten als groene glazenmaker, gevlekte witsnuitlibel en bruine korenbout komen nog voor in De Wieden, maar worden bedreigd in hun voortbestaan. Om de groei van riet en andere planten te bevorderen, zijn bredere, geleidelijk aflopende oevers nodig, met natte gedeeltes en ondiep water.

Geld goed gebruiken
Natuurmonumenten werkt de komende tijd aan oeververbetering bij onder meer Beulaker Wijde, Kiersche Wijde en Giethoornse Meer. Op de ene plek gaat het vooral om het opnieuw aanbrengen van de door golfslag weggeslagen oevers. Daarvoor gebruikt Natuurmonumenten zoveel mogelijk het materiaal dat vrijkomt uit het plaggen van rietland en het graven van petgaten elders in het natuurgebied. Zo kan er heel veel gedaan worden met het door Europa toegekende Life Nature-geld en de subsidie die LNV gaf vanuit het Overlevingsplan Bos en Natuur. De nieuwe beschoeiingen bestaan uit wilgentenen en onbehandeld hout. Natuurlijk materiaal dat een jaar of twintig meegaat. De begroeiing neemt de beschermende functie geleidelijk over. Op andere plaatsen graaft Natuurmonumenten verouderd en verdroogd rietland aan de oevers gedeeltelijk af, zodat er natte stukken ontstaan, het riet weer vitaal wordt en de begroeiing gevarieerder. Dat allemaal om vogels, insecten en nog heel veel andere diergroepen in De Wieden de ruimte te geven, zodat bezoekers van het gebied hun hart kunnen ophalen aan de prachtige natuur.


Terug